18-03-08

Kunstzaken

Ik probeer in de meest onchristelijke traditie steeds zo eerlijk mogelijk te zijn tegen mijn medemensen. En dus ook naar de kinderen toe.

Zo zal ik niet steeds vol extase uitroepen dat hun rapport alweer schitterend is, hun gezang zalen zou doen vollopen, hun sportprestaties ongeƫvenaard zijn en hun artistiek talent de ziel uit het lijf ontroerd.

Ik zal wel steeds iets positief zeggen ("mooie kleuren, je hebt je best gedaan, ik denk dat je er veel plezier hebt aan beleefd, de scheidsrechter is een kl*z*k,..."), maar niet liegen om hen een plezier te doen.

Vandaag hebben ze me echter overrompeld. Opeens hadden ze allebei een cadeautje van eigen makelij voor me, netjes ingepakt. Een versierd glas en een pennenhouder in de vorm van een race-auto uit klei. Voor vaderdag!
Ik was verrast.

"Mooi!", stamelde ik.